Gepost door: Erwin Tommissen | juli 1, 2008

Johan de Boose – ‘Het geluk van Rusland’

Een Russisch eksteroog

Johan de Booses reisverslag ‘De grensganger. Reis langs de ruïnes van het IJzeren Gordijn’ werd onlangs bekroond met de Henriette Roland Holstprijs, een prijs die literatuur bekroont die zowel uitmunt door sociale bewogenheid als door literair niveau. In zijn nieuwste boek ‘Het geluk van Rusland. Reis naar het eenzaamste volk op aarde’ richt de ervaren Oost-Europareiziger De Boose de steven naar Rusland, en dat is niet verwonderlijk. Sinds de doctor in de slavistiek in 1980 voor het eerst in de toenmalige Sovjet-Unie was, is hij zowat jaarlijks naar Rusland teruggekeerd, afwisselend in de gedaante van journalist, toerist en reisleider.

In ‘Het geluk van Rusland’ verzamelt Johan de Boose de indrukken die hij tijdens meer dan 25 jaar reizen door Rusland opdeed in één meeslepend boek, terwijl hij tegelijkertijd op zoek gaat naar de Russische ziel. De passie voor zijn onderwerp is voelbaar aanwezig in De Booses boek, maar het is geen onvoorwaardelijke passie, wel een waarin ‘liefde weerzin voedt en vice versa’. Johan de Boose gebruikt het treffende beeld van een eksteroog om zijn speciale verhouding met Rusland weer te geven: ‘Rusland is mijn favoriete eksteroog. Waag het niet op mijn voet te gaan staan. Als u dat evenwel doet, wat ik u verzoek, begin ik meteen vurig te vertellen en weet ik van geen ophouden: waar zullen wij beginnen?’

Waar kun je een boek over Rusland beter beginnen dan in Moskou, de ‘duurste, chicste, extravagantste, onvoorspelbaarste en meest wetteloze plek’ van het land? Johan de Boose neemt ons in het eerste deel van zijn boek mee op ‘een wandeling doorheen de geschiedenis van de hoofdstad’ waarin hij ons onder meer laat kennismaken met de geheimen van het Kremlin, en in zijn ontmoetingen met de meest uiteenlopende personages afwisselend de grootste grandeur en de ellendigste armoede van de Russische hoofdstad aan den lijve ervaart. Moskou is een stad die tegelijkertijd aantrekt en afstoot, en De Boose heeft er dan ook een haat-liefdeverhouding mee: ‘Ik hou van je, Moskou, maar in liefde zeg ik je: onder je rokken, hoer, stink je.’

Ongeveer halfweg in dit boek schrijft Johan de Boose ‘Ik wou dat ik de grens tussen non-fictie en fictie in het echte leven kon opheffen’, wat hij meteen weergaloos in de praktijk brengt in ‘Geestenpost uit Sint-Petersburg’, waarin hij begint aan een ‘reis door de verbeelding, aangewakkerd door eindeloze lectuur’. In deze wandeling door de tijd ontmoet De Boose de schrijvers die in het Sint-Petersburg van de negentiende eeuw grote sier maakten. Onder anderen Fjodor Dostojevski, Boris Pasternak, Aleksandr Poesjkin en Nikolaj Gogol kruisen het pad van Johan de Boose in het tweede deel van zijn boek, waarin hij bewijst dat hij ook als fictieschrijver meer dan beslagen op het Russische ijs komt. Met het grootste gemak schakelt De Boose in ‘Siberië of de grondstof van de schepping’ vervolgens weer over op non-fictie als hij ons tijdens zijn ellenlange reis met de trans-Siberische spoorlijn naar de wereld achter de Oeral laat kennismaken met doodnormale Russen die in het onderkoelde Siberië elk op hun eigen manier op zoek zijn naar het geluk.

Johan de Boose is een bevlogen observator die je in dit met veel liefde geschreven boek meeneemt op een fascinerende ontdekkingstocht door het heden en het verleden van Rusland, gekruid met treffende citaten uit de indrukwekkende Russische literatuur. Ben je een liefhebber van het werk van Ryszard Kapuściński en Geert Mak? Neem dan zeker ook eens ‘Het geluk van Rusland’ ter hand, je zal er geen spijt van krijgen!

© Erwin Tommissen
Oorspronkelijk gepubliceerd op CuttingEdge.be

Multimedia:

  • Een filmpje van Boek.be over de roman ‘Noem het middernacht’ van Johan de Boose, naar aanleiding van de Literaire Lente 2007:


Laat een reactie achter

Jouw reactie:

Categorieën